Navelbeekje ochtendpluis

Als ik ’s mor­gens opsta – wat heel moei­lijk is – blijf ik altijd even op de rand van het bed zit­ten. Het eer­ste wat ik doe is de breed­te van het water inschat­ten. Er loopt name­lijk een rivier naast mijn bed, en de breed­te van die stroom is elke och­tend anders. Meest­al kan ik er met één goed­ge­mik­te stap over­heen, soms is het water zo smal dat ik niet eens moei­te moet doen. Ande­re keren is het wat bre­der en moet ik terug naar ach­ter om vanop het bed een aan­loop te nemen. Het gebeurt dan soms dat ik met mijn hie­len in het water terecht kom.

Heel af en toe is het water zo fuc­king breed dat ik het niet eens een blik waar­dig gun en gewoon terug onder de lakens kruip. Dat brengt mijn over­daag­se bezig­he­den meest­al zwaar in het gedrang, maar ik kan er niks aan doen. Ik ben geen olym­pisch zwem­mer. Om eer­lijk te zijn zwem ik zelfs hele­maal niet graag, en zeker niet des och­tends.

(Ter­zij­de: Ont­bijt op bed is een aan­ge­na­me ver­ras­sing die ik zel­den zal afwij­zen, maar moest u op een dag op zulks ver­ma­le­dijd idee komen, gelie­ve dan reke­ning te hou­den met de moge­lijk­heid van nat­te voe­ten.)

Deze och­tend was anders. De rivier was weg. Geen spatje water te beken­nen. Ik dacht eerst dat ik droom­de, maar na uit­voe­rig tot‐ik‐sterren‐zag‐ogengewrijf stel­de ik vast dat er effec­tief geen rivier­tje, gracht of kol­ken­de stroom te beken­nen was. Ik weet nog altijd niet of ik hier blij mee moet zijn of niet. Het kon soms zo’n deugd doen om poot­je­ba­den het pres­ti­ge van de eer­ste dag‐activiteit te schen­ken. Maar van­daag dus niet.

Behal­ve de mys­te­ri­eu­ze ver­dwij­ning van mijn och­tend­beek­je merk­te ik nog iets vreemds op: een over­dre­ven, wel­haast gro­tes­ke hoe­veel­heid navel­pluis. (Ik ga niet uit­leg­gen wat navel­pluis pre­cies is, omdat ieder­een dat wel weet. Ja, u ook daar in de hoek van het bed) Omdat ik zo’n navel­staar­der ben voor­dat ik mijn eer­ste slok kof­fie heb genut­tigd, merk­te ik het vlug op. Ik bekeek het pluis aan­dach­tig en besloot toen om het gewoon te laten zit­ten. Mis­schien hoort dat wel zo als je der­tig wordt.

Pro­fi­ci­at mezelf. Met of zon­der beek­je.

10 reacties

  1. Saskia schreef:

    Ik ga ’s mor­gens eens let­ten op mijn beek­je 😉

    Gefe­li­ci­teerd

  2. Downer schreef:

    Pro­fi­ci­at Yuri!

  3. Gate schreef:

    Van har­te!!

  4. joeri schreef:

    Van deze jari­ge Joe­ri aan de ande­re jari­ge Yuri: pro­fi­ci­at!

  5. Inge schreef:

    Maak er een mooie dag van, Yuri. Pro­fi­ci­at!

    x

  6. Sven schreef:

    Gefe­li­ci­teerd!

  7. mIKe schreef:

    Pro­fi­ci­at!

  8. nele schreef:

    je bent dus pre­cies één week­je ouder dan ik
    pro­fi­ci­at!

  9. Yuri schreef:

    @ alle feli­ci­tan­ten: nog­maals danku­wel. ik ben mijn vier­de decen­ni­um begon­nen met een pegel van een ver­koud­heid. dat is hope­lijk geen voor­te­ken voor aller­lei ramp­spoed…
    @ nele: jij ook (beter te vroeg dan stom­weg ver­ge­tel­heid min­nend) gefe­li­ci­teerd

  10. Björn Lerm. schreef:

    Hebt u ein­de­lijk het bed­wa­te­ren afge­leerd?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *