header header header header header header header header header header

Ik heet Wannes

Voor zover ik weet, tenminste.

Ik heet WannesIk hou meer van nadenken dan van babbelen. Ik ben bang voor zowat alles. Ik maak mezelf graag dingen wijs en dat geldt vermoedelijk ook voor het voorgaande. Ik ben een op hersenloze infantiliteit kickende meerwaardezoeker. Ik haat het woord meerwaardezoeker. Ik ben verliefd op letters en woorden, al lees ik veel te weinig. Ik ben ook verliefd op muziek, in die mate dat ik niet veel nodig heb voor een dikke laag kiekevlees. Ik slaap graag maar ben een slechte slaper. Ik scoor bovengemiddeld op de beoordelingsschaal voor autisme. Dat is nooit officieel vastgesteld, maar zie zin 3. Ik moet heel hard lachen om elke variatie van de woorden pies, kak en stront of als ik iemand tegen een paal zie lopen. Tot slot heb ik nooit goed geweten wat ik wil. En daarmee heb ik bijna alles gezegd.

Ik heet Wannes. Welkom in mijn hoofd.

Klikshit

«De reupiepleut is niet van gisteren en zal in sommige gevallen tijdens het brommen zelfs een camouflerende schutkleur aannemen, waardoor hij niet meer in uw interieur past.»
Wannes zelf.
Bron:  Handleiding tot het absurde: Hoe een ritselende reupiepleut te epibreren

(klik hier voor een nieuwe quote)

  • Archieven

  • Rubrieken

  • U zei?

    • tomasz: binnenkort nog eens op de planken?
    • Bjorn: 3 maanden gelden in een opwelling besloten om de...
    • Wannes: Afscheid is nooit makkelijk. Zeker niet op deze...
    • Ruben: Bedankt voor je visie op het einde. Ik was bang...
    • Ashley: Die Debby pief poef pfaff is nogal fake,…...
    • Ruben: Komd een zin bij de dokter. Hihi.
    • markvdweij: shania ( L ) mark mark hius harkema 9281 rk
    • Wannes: Ik stond in de hoek van het hokske. Mijn...
    • Noynourfe: Just out of curiousity: Hoe heeft u deze foto...
    • Wannes: Damn. Dat ik die gemist heb.
  • Kijk! Nog een titelke!

    Gerard A.P. Terschelling

    03 05 2007 | Rubriek: Poezie

    Gerard Antonius Priapus Terschelling was een dichter uit Maastricht die leefde van 1946 tot 1983. Zijn werk heeft nooit een groot publiek kunnen bekoren, niet in het minst omdat hij het merendeel van zijn gedichten uit het hoofd leerde en zelden iets liet publiceren. Desalniettemin zijn onlangs een aantal zeldzame limericks van de man teruggevonden. Van de erven Terschelling kreeg ik de eenmalige uitzonderlijke toelating om deze bijzondere pareltjes aan een breder publiek te presenteren. Geniet u even mee.

    Gerard A.P. Terschelling

    Gerard A.P. Terschelling

    Alhoewel taalpuristen wellicht zullen opmerken dat Terschelling meermaals de klassieke criteria van de limerick aan zijn laars lapte, toch was het zijn favoriete dichtvorm. Andere poëzievormen zijn van de man niet bekend. Het leven van Gerard A.P. Terschelling is voor een groot deel in nevelen gehuld. Zijn zeldzame dichtwerk is veruit de enige bron van informatie die ons ter beschikking staat, maar het is dan ook een behoorlijk tot de verbeelding sprekend oeuvre.

    Terschelling was als jongeling vaak eenzaam en had een aanleg voor psychotische buien. Hij viel zijn ouders herhaaldelijk lastig met getuigenissen over het zien van elfen en kabouters. In zijn puberteit beweerde hij te kunnen communiceren met allerlei onzichtbare wezentjes.

    Kabouter Kabranka flamoegel
    Bimarnok sjazoeki met noegel
    Daar keek hij van op
    Zijn staaf in het sop
    Van porgel divlamrok opsjoegel

    (Uit Het daagboek van Kabouter Kabranka, 1961, onuitgegeven)

    Een elfje met heel grote tieten
    Kon van ‘t vliegen nooit waarlijk genieten
    Na ‘n meter of twee
    Viel ze steeds naar benee
    Door ‘t gewicht van die twee satellieten

    (Uit Elfjes in de lucht met diamanten, 1968, onuitgegeven)

    Als adolescent werd Terschelling steeds excentrieker. Zo ging hij vaak ‘s zondags rond een uur of zes in de ochtend op het Onze-Lieve-Vrouweplein in Maastricht luidkeels autobiografische gedichten scanderen, tot grote consternatie van de omwonenden.

    Mijn naam klinkt ietwat als een eiland
    Met een huisje en één enkel weiland
    Daar maai ik het gras
    Daar doe ik de was
    En slijt ik mijn dagen als heiland

    Een dichter met haar op zijn tanden
    Heeft met niemand echt enige banden
    Misschien zegt u nu:
    «Zo’n dichter bent u!»
    Maar dan was ik in onschuld mijn handen

    (Uit Aankondiging van een vroegtijdig heengaan, 1969, uitgegeven in eigen beheer op tweehonderd exemplaren)

    Terschelling was een verwoed complot-theoreticus. De maanlanding heeft hij bijvoorbeeld nimmer voor waar willen aannemen. Toen de Amerikanen – nota bene op Terschellings drieëntwintigste verjaardag – voor het eerst voet op de maan zetten, schreef hij volgende limerick:

    Ik hoop dat Neil Armstrong daarboven
    Zijn kaarsje heel langzaam voelt doven
    Ik hoop dat hij stikt
    Zich in ‘t maanzand verslikt
    Dat een marsman zijn schedel komt kloven

    (Uit Ruimtevaart en Apekool, Jaargang 3, nr. 8, 1969)

    In opdracht van de Kabouterpartij, een ludieke protestbeweging uit het begin van de jaren zeventig, schreef Terschelling een aantal protest-limericks. Die waren veelal gericht tegen het toenemend consumentisme en de rafelranden van het kapitalisme.

    Een rijkaard met duistere kanten
    Die kocht eens een vracht diamanten
    Hij at ze toen op,
    Met sambal erop
    Nu verruilt hij zijn stront voor kontanten

    (Uit Aloha, Jaargang 4, nr. 2, 1972)

    Naar het eind van zijn leven, werd Terschelling steeds zwartgalliger. Hij leefde ascetisch en deed geen enkele moeite om zijn werk bij uitgevers te krijgen. De volgende limericks werden teruggevonden op de zolder van een vriend en getuigen van het gitzwarte zelfbeeld en de naderende waanzin van de oude dichter.

    Ik ben geen beroemde kabouter
    Mijn rijmelarijen zijn louter
    Verspilling van inkt
    Het mankt en het hinkt
    En het metrum mag ook wel wat stouter

    Het lijf dat ik zie in de spiegel
    Maakt me chagrijnig en kriegel
    Met meisjes in bed
    Wordt de toon steeds gezet
    Door voortdurend sarcasties gegiechel

    (1980-1982)

    In de lente van 1983 beroofde Gerard A.P. Terschelling zich van het leven door zichzelf eigenhandig in te graven in het strandzand van het waddeneiland met dezelfde naam.

     

    Wellicht enigszins verwante berichten:

    8 reacties

    1. tomasz zei dit:

      -Ik hoop dat hij stikt
      Zich in ‘t maanzand verslikt-

      haha.

      zouden limericken eenvoudig te zingen zijn?

    2. Noynourfe reageerde aldus:

      Heer Maanzand. Toch voel ik, diep diep van binnen, een band tussen A.P. Terschelling en de Beatles. “Elfjes in de lucht met diamanten” en “Lucy in the Sky with Diamonds”. De link tussen “Can’t buy me love” en “Aloha”. Maar vooral: “Met meisjes in bed” uit 1980-1982, en de sleep in van John en Yoko.
      De geweldadige dood van John Lennon en drie jaar later (sic!) van Gerard: het KAN geen toeval zijn: u leidt ons.

    3. Yuri wilde graag het volgende kwijt:

      Heer Noynourfe, u bent een ziener!
      Uw pittige analyse bewijst andermaal de onderschatte geschiedkundige en artistieke waarde van dit veel te jong gestorven poëtisch wonderkind. Ik ben er zeker van dat de heer Terschelling zich tevreden spinnend omdraait in het zand bij het aanhoren van uw scherpe formuleringen.

    4. Yuri poneerde:

      Give id a draai, zou ik zeggen (als mijn engels niet zo goed was).

    5. Voorwaar toch degelijke dichtsels en zeer vermakelijk. Dank u heer voor deze proza.

    6. inderdaad een zeer bewonderenswaardige man

    7. [...] mei 13th, 2007 een zeer mooi artikel over de vergeten nonsenciale dichter Gerard A.P. Terschelling te lezen op maanzand. hieronder een koldergedicht oftewel limmerick van hem. Kabouter Kabranka flamoegel Bimarnok sjazoeki met noegel Daar keek hij van op Zijn staaf in het sop Van porgel divlamrok opsjoegel [...]

    8. Patries meldde:

      Hoi Wannes,
      Ik ben per ongeluk ooit op je weblog terechtgekoemn en ik moet eerlijk zeggen ik lees met ontzettend veel plezier je stukjes. Echt heel gaaf! Alleen wil je me de logica uitleggen van “verwante berichten”. Ik kom dan in stukjes van jaren geleden terecht en op die manier lees ik steeds hetzelfde, ik doe iets niet logisch ………maar wat, dat weet ik niet! Wil je me dat eens uitleggen?

    Reageer!

    «De zwarte gordel van een door wonderlijke metaforen tot stand gekomen pitbull die zich vastbijt in tot volle wasdom gedoemde blanco pagina’s.»
    Wannes zelf.
    Bron:  Kijken naar schrijven is het mooiste wat er is