Lief­ste (042)

De plank waar­op ik sla­pen moet is hard. Dat zal de vol­gen­de vijf­tien jaar niet anders zijn. Vijf­tien jaar zon­der u. En dat alle­maal omdat de rech­ter niet wil­de gelo­ven dat ik een boom­chi­rurg ben. Dat ik de kamer­plan­ten knuf­fel als ik ergens op bezoek ben. En dat copro­fa­gie goed is voor de spijs­ver­te­ring. Dat ik kwaad wordt als men­sen met mij lachen. En ja ja, dat dat gevaar­lijk is met een mes in de hand. Ze zeg­gen dat ik naast uw lijk heb zit­ten scrab­be­len. Tegen een denk­beel­di­ge scrab­ble­part­ner. Onzin natuur­lijk. Hij is niet denk­beel­dig, hij is echt en hij heet Rigor Mor­tis. Dat kunt gij bea­men.

Waar zijt ge toch?

Wan­nes

Lief­ste xxx? Hier vind je meer uit­leg.
Deze keer deed ik het met boom­chi­rurg, copro­fa­gie en rigor mor­tis.
(Nieu­we woor­den graag in reac­tie­din­ges)

2 reacties

  1. J schreef:

    deze is gewoon mooi.
    lugu­ber maar kwets­baar.
    mis­schien moet je hem eens aan rigor mor­tisha voor­stel­len 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *