Als ik twijfel, zult gij mij strelen

Als ik twij­fel, zult gij mij stre­len
Gij zult start zeg­gen
Gij zult u niet bezin­nen voor ge begint
Gij zult uw fiets­ke pak­ken en naar de top van de hoog­ste berg fiet­sen
Gij zult uw fiets­ke tegen ne boom zet­ten
Gij zult uit­kij­ken over het land
Gij zult mij­me­rend de hori­zon in ogen­schouw nemen
En gij zult van wal ste­ken
Gij zult let­ters beden­ken
Gij zult woor­den vor­men
Gij zult zin­nen bak­ken
En gij zult uw gedacht zeg­gen
Gij zult uw gedacht neer­vlei­en op de maal­stroom van de wind
En gij zult met een klein duw­ke uw gedacht op gang hel­pen
Gij zult uw gedacht nakij­ken
Ter­wijl het mean­de­rend naar bene­den dwar­relt
Ter­wijl het – gedra­gen door een zucht – de bodem van het dal zoekt
Gij zult uw gedacht niet ach­ter­na lopen
Gij zult zuch­ten
En nog zult gij zuch­ten
En nog en nog en nog zult gij zuch­ten
En gij zult zuch­ten tot ge de wind met een min­der­waar­dig­heids­com­plex wan­de­len stuurt
En nog­maals zult gij uw gedacht zeg­gen
En gij zult uw gedacht samen met de wind wan­de­len stu­ren
En gij zult uw gedacht geen plat­te­grond of hand­lei­ding ver­schaf­fen
En gij zult hopen dat uw gedacht bene­den in het dal in goe­de han­den valt
Gij zult daar niet over pie­ke­ren
En gij zult daar geen woor­den aan vuil maken
Gij zult vui­le woor­den pro­per poet­sen
En gij zult krom­me zin­nen recht zeg­gen
Gij zult shit en fuck en kut­zooi en hoe­re­lul en smeg­ma zoe­ken
En een pot­te­ke
En gij zult shit en fuck en kut­zooi en hoe­re­lul en smeg­ma in dat pot­te­ke ste­ken
En gij zult dat pot­te­ke naar bene­den smij­ten
En gij zult geen woor­den meer vuil maken
En gij zult het vol­gen­de zeg­gen:

Gij zult uw tan­den poet­sen en uw han­den was­sen
Gij zult kof­fie drin­ken en de krant lezen
Gij zult kri­tisch stil­staan bij het bin­nen­lands nieuws
En gij zult van het bui­ten­lands nieuws alleen de kop­pen lezen
Gij zult de krant slui­ten en zien dat het mor­gen gaat rege­nen
Gij zult uw bestaan ver­zuch­ten en vloe­ken
Gij zult opnieuw uw tan­den poet­sen
Gij zult kof­fie drin­ken en opstaan
Gij zult naar de bak­ker gaan om een lang grijs gesne­den, vier boter­koe­ken met rozij­nen, een stok­brood, twee eclair­kes, zes wit­te pisto­lees en even­veel sand­wi­chen
Gij zult afre­ke­nen met een brief­ke van vijf­tig ofschoon ge klein­geld genoeg hebt
Gij zult con­sta­te­ren dat het van­daag al regent
Gij zult uw bestaan ver­zuch­ten en vloe­ken
Gij zult op inter­net lezen dat vloe­ken gezond is
Gij zult blij zijn met dat nieuws
Dan zult gij u afvra­gen waar­om ge zo’n slech­te con­di­tie hebt
Gij zult begin­nen met spor­ten, met jog­gen en fiet­sen, met zwem­men en squas­hen
Gij zult fit­ness ver­foei­en
Gij zult stop­pen met spor­ten, met jog­gen en fiet­sen, met zwem­men en squas­hen
En gij zult u een fitness‐abonnement aan­schaf­fen
Gij zult treu­ren om de dood van Michael Jack­son
Ter­wijl het zweet u op het voor­hoofd staat
En de loop­band onder uw voe­ten uw hie­len doet von­ken
I wan­na be star­tin some­thing, zult gij den­ken
En I got­ta be star­tin some­thing
Gij zult op één van de vieren­zes­tig tele­vi­sie­toe­stel­len in de fit­ness­ruim­te zien hoe R. Kel­ly slijmt dat hij u het liefst in de keu­ken op het aan­recht neukt
Gij zult aan Frank Zap­pa den­ken en aan het slijm dat uit het tele­vi­sie­toe­stel druipt
Gij zult de nieu­we minis­ter van cul­tuur een troe­la vin­den
Gij zult als ge heel eer­lijk zijt eigen­lijk elke minis­ter een troe­la vin­den
Gij zult u voor­ne­men de vol­gen­de keer niet te gaan stem­men
Gij zult bang zijn voor de mexi­caan­se griep
Gij zult bang zijn voor de spaan­se, de ita­li­aan­se, de beender‐ , en de buik­griep
Gij zult bang zijn voor ter­ro­ris­ten
Gij zult bang zijn voor al wat kleur heeft
Gij zult bang zijn voor de zoet­zu­re chi­li­saus in uw spa­ghet­ti
Gij zult bang zijn voor wat er onder de slui­er schuilt
Gij zult bang zijn voor een ver­keers­on­ge­val
Bang voor een vos, een gier en een wol­ven­jong
Bang zult gij zijn voor de nacht en het daar­op­vol­gen­de ontij
Bang zult gij zijn voor het don­ker en de stem­men die ge hoort
Bang zult gij zijn tout court
Bang zult gij zijn voor uzelf
Gij zult bang zijn voor uzelf
Gij zult bang zijn en gij zult bib­be­ren
Gij zult u een fraks­ke zoe­ken om het bib­be­ren tegen te gaan
Gij zult ne para­plu pak­ken omdat ge bang zijt dat de hemel op uwe kop zal val­len
Gij zult bang zijn
Gij zult bang zijn
Gij zult bang zijn

Dat ge bang zult zijn
Dat ge zult luis­te­ren naar wat ik zeg
Dat ge zult horen dat ik wan­nes heet
Goei­e­dag ik heet Wan­nes, ik ben bang, en gij?
Gij zult uzelf beleefd voor­stel­len aan de toe­hoor­ders
Gij zult ook uw ach­ter­naam zeg­gen en met twee woor­den spre­ken
Goei­e­dag meneer, goei­e­dag mevrouw
Dag mooie mevrouw
Dag mooie mevrouw met uw prach­ti­ge bil­len mevrouw
Ach mevrouw, wat hebt ge prach­ti­ge bil­len
Gij zult de bil­len van mevrouw bewon­de­ren
Gij zult kij­ken, maar aan­ko­men niet
Gij zult hoog­stens onop­val­lend in een hoeks­ke gaan zit­ten kwij­len
Maar aan­ko­men zult gij niet
Gij zult de regels der eti­quet­te res­pec­te­ren
Gij zult iets om te drin­ken vra­gen
Gij zult kof­fie drin­ken en opstaan
Gij zult naar de bak­ker gaan om een lang grijs gesne­den, vier boter­koe­ken met rozij­nen, een stok­brood, twee eclair­kes, zes wit­te pisto­lees en even­veel sand­wi­chen
Gij zult afre­ke­nen met een brief­ke van vijf­tig ofschoon ge klein­geld genoeg hebt

Gij zult zoveel gij
Gij zult dit en gij zult dat
En gij zult zus en gij zult zo
En gij zult op tijd opstaan
En gij zult uw tan­den poet­sen
En gij zult de nodi­ge tele­foon­tjes doen
En gij zult pro­bleem­op­los­send den­ken
En gij zult dat niet ver­ge­ten
En dit niet en dat niet
En dat zult gij doen en dit zult gij maken en daar zult gij op tijd zijn
En gij zult niet gaan kla­gen
Nee, gij zult niet gaan kla­gen
Gij zult dit en gij zult dat
En gij zult zus en gij zult zo
En gij zult en gij zult en gij zult en gij zult en gij zult
En gij zeult
En gij zult en gij lult en gij zaagt en gij zevert
En gij zult de tijd zien ver­strij­ken
En dan
Dan, als de nacht valt en het daar­op­vol­gen­de ontij zijn tan­den laat zien
Dan zult gij naar mij toe komen
En gij zult mij kus­sen
En gij zult mij kus­sen
En gij zult mij sus­sen met uw mond
En gij zult ver­der niks

Gij zult mij bemin­nen, maar dat schijnt niet moei­lijk te zijn
Gij zult mij ver­war­men, en ook dat zal van­zelf spre­ken
Gij zult mij van­bin­nen bemin­nen en van­bui­ten ook
Gij zult mij de nieu­we minis­ter van cul­tuur doen ver­ge­ten
En fit­ness en Frank Zap­pa en de fran­gi­pa­ne­kes die ge ver­ge­ten waart
Gij zult mij zien
En gij zult zeg­gen wat ge wilt
Gij zult mij zien en gij zult de vol­gen­de woor­den zeg­gen:

Wat gij zult doen, is hele­maal niks
Wat gij zult weten, is al alge­meen bekend
Wat gij zult zijn, is hier bij mij
Wat gij moet krij­gen, is waar mijn hart van over­loopt

Wat ik u wens, is na het ontij alles
Wat ik u wens, is wat gij al weet
Wat ik u wens, is met mij een leven

Want gij zult bang zijn
Gij zult ang­stig zijn en klein
Maar gij zult niet ver­ge­ten
Dat wat ik u wens, mijn dood niet is
Gij zijt van mij
En dat zult gij

Als ik twijfel, zult gij mij strelen.

Als ik twij­fel, zult gij mij stre­len.

[Upda­te 20/30/10] Ge kunt boven­staan­de tekst ook beluis­te­ren. Eat this, Bohe­mi­an Rhap­so­dy.

3 reacties

  1. Bert schreef:

    Mooi !!

    Prach­ti­ge tekst om voor te lezen ! Ik heb hem aan mij voor­ge­le­zen en mijn publiek vond het gewel­dig !

    😀

    Groet­jes,

    B L van W

  2. tomasz schreef:

    Werkt men ten hui­ze Dae­men opnieuw aan the­a­ter­tek­sten?

    Want dat dat fijn zou zijn.

  3. jane schreef:

    heel schoon. zul­le.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *