De natuur (2): de giraf

De natuur

De natuur. Cool.

Gis­te­ren begon ik mijn dis­ser­ta­tie­reeks over de natuur aan de hand van enke­le alge­me­ne defi­ni­ties. Van­daag ga ik wat die­per in op een spe­ci­fiek onder­deel van de natuur, met name de giraf. Ge kunt het nu een­maal niet over de natuur heb­ben zon­der stil te staan bij dit won­der­lij­ke beroep.

Hoofd­stuk 1: De kameel­par­del

Een giraf (of giraf­fe, afhan­ke­lijk van het aan­tal f’en op uw kla­vier) wordt ook kameel­par­del genoemd. Dat slaat hele­maal ner­gens op want een kameel heeft twee bul­ten en een par­del is (onder ande­re) een wijf­jes­pan­ter. Mis­schien dat een gei­le man­ne­tjes­pan­ter opge­won­den wordt van een wijf­jes­pan­ter met twee bul­ten, maar hij zal toch bedro­gen uit­ko­men als blijkt dat ge zon­der trap­lad­der­ke niet met een giraf kunt ton­gen.

Hoofd­stuk 2: Vij­an­den

De giraf heeft bij­na geen vij­an­den. Daar­voor is hij te hoog, te snel, en boven­dien kan hij hard trap­pen. Één trap van een giraf is soms vol­doen­de om de sche­del van een leeuw te ver­brij­ze­len. De eerst­vol­gen­de keer dat ge naar de die­ren­tuin gaat, neem dan een leeu­wen­sche­del mee. Spek­ta­kel ver­ze­kerd!

Hoofd­stuk 3: De die­ren­tuin

Die­ren­tui­nen zijn pre­his­to­ri­sche onno­ze­li­tei­ten. De wes­ter­se mens impor­teert aller­lei rare bees­ten van over de hele wereld om die dan in een veel te koud land in een hoks­ke te ste­ken. Die bees­ten wor­den daar onge­luk­kig en agres­sief van en dat is voor nie­mand ple­zant. Boven­dien heeft een dier in een hoks­ke niks meer met de natuur te maken, maar wel met dat idi­o­te onver­za­dig­ba­re ver­lan­gen van ons om een aap met zijn eigen drol­len te zien smij­ten. Stop dus van­daag nog met naar de die­ren­tuin te gaan en zeg tegen de buren dat ge nog nooit zo’n lelij­ke buren gehad hebt. Als ge hen dan ook nog het leven zuur maakt door mid­del van veel te lui­de feest­jes en ber­gen afval in de ach­ter­tuin, gaan ze op zeker moment van­zelf met hun drol­len smij­ten. Nodig uw ande­re buren uit om te komen kij­ken, et voi­la: een dier­vrien­de­lij­ke die­ren­tuin.

Hoofd­stuk 4: Nek­wor­ste­len

Dat is wat giraf­fen­man­ne­tjes doen om ande­re man­ne­tjes te domi­ne­ren en om wijf­jes te impo­ne­ren. Als ge zelf een giraf zijt (en ge kunt lezen), let dan op dat ge tij­dens het nek­wor­ste­len niet in de knoop geraakt. Want dan ga ik u niet komen hel­pen. Ik heb het al moei­lijk genoeg met de kabel­kes van mijn kop­te­le­foon.

Hoofd­stuk 5: Slaap

Als een giraf moe is, gaat hij sla­pen.

Hoofd­stuk 6: Voort­plan­ting en geboor­te

Giraf­fen zijn soms geil, en dan gaan ze neu­ken. Omdat er geen abor­tus­kli­nie­ken zijn in Giraf­fië, wor­den giraf­fen na het neu­ken zwan­ger. Na een draag­tijd van 14 à 15 maan­den, en na het stu­ren van de geboor­te­kaart­jes, bevalt de giraf. Dat beval­len moet nog­al let­ter­lijk geno­men wor­den. Een giraf­fen­jong wordt gebo­ren ter­wijl de moe­der recht­op staat. Het jong valt dan twee meter naar bene­den. In de mid­del­eeu­wen werd bij baby-girafkes vaak val­len­de ziek­te gecon­sta­teerd, tot een of ande­re slim­me­rik ont­dek­te dat het niet om een ziek­te ging, maar om een beval­ling. Hoe dan ook, ik ben blij dat mijn moe­der geen giraf is.

Hoofd­stuk 7: Beeld­ma­te­ri­aal

Vori­ge week heb ik tij­dens een bos­wan­de­ling een foto gemaakt van een giraf. Jam­mer genoeg stond ik te dicht­bij waar­door ik niet kon uit­zoo­men.

De giraf (© Alice Chodura)

De giraf

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *