Categorie: Poë­zie

Gedicht

Mijn voor­naam klinkt als Wan­nes
Omdat ik Wan­nes heet
Mijn ach­ter­naam is Dae­men
En wie dat niet gelooft, die heeft – behal­ve dat hij het metrum om zeep heeft gehol­pen – een hele dik­ke reet

Bonte Avond @ Ithaka Leuven

Veel te veel gedich­ten

Ik stond gis­te­ren op het podi­um van de Bon­te Avond van Kun­sten­fes­ti­val Itha­ka 22. Het was aldaar een euh bon­te bedoe­ning onder de beziel­de lei­ding van kunst- en knip­sel­paus Geert Simo­nis. Ik tart­te het lot door veel te veel gedich­ten…

Met uw vruchteloos gesmacht

Met uw vruch­te­loos gesmacht

Tus­sen haak­skes. Ik foto­gra­feer­de de bal­lon­nen tij­dens Itha­ka 21. Het ble­ken de res­tan­ten van een werk van Lau­rens Mari­ën.

Klei­ne angst­cy­clus

Angst (1) Als alle angst onzin is En er niets meer is om bang voor te zijn Dan sluit ik u op in de kel­der En dan vindt gij dat gewoon heel fijn Angst (2) Bang zijn om niet meer fan­tas­tisch…

Opluch­ting

Een konijn en wat prui­men zaten aan de toog Van een heel goed­koop mop­pen­boek Het nood­lot hing drei­gend tus­sen bei­den Toen bestel­de iemand een pan­nen­koek

Gedichtendag

Nog gedich­ten­dag

Naar men zegt is het gedich­ten­dag Ik weet niet pre­cies wat dat bete­kent Maar ik denk dat ik dan dich­ten mag Ech­ter. Ik ben soms te lui voor woor­den En ook nog­al vlug con­tent Ik ben al blij als het…

Gedichtendag

Gedich­ten­dag

Naar men zegt is het gedich­ten­dag Ik zou wel wil­len mee­doen Maar ik zit met 4 Non Blon­des in mijn kop En dat is onge­veer het­zelf­de als Rus­tig een fiets­tocht­je wil­len doen Met Astrid Bry­an ach­ter­op

Een tweede lading angst

Een twee­de lading angst

Vier ban­ge maar vro­lij­ke gedicht­jes voor Mari­na, Niki, Mar­t­in­ke en Bert. Zij waren zo eer­lijk mij hun ang­sten toe te ver­trou­wen.

Een eerste lading angst

Een eer­ste lading angst

Vijf vro­lij­ke gedicht­jes voor Ingrid, Rut­ger, From­mel, San en Joost. Zij waren zo eer­lijk mij hun ang­sten toe te ver­trou­wen.

Foto © Hoeilander.be

Gedicht voor Mega Min­dy

Dan zal men zich her­in­ne­ren hoe de zon de vol­le gebla­der­de bomen kon stre­len als waren het min­naars.

En ik vecht en ik vecht en ik vlieg

Super­man

Kijk, lief
Ik ben Super­man
Ik vecht en ik vecht en ik vlieg

Gerard A.P. Ter­schel­ling

Als ado­les­cent werd Ter­schel­ling steeds excen­trie­ker. Zo ging hij vaak ’s zon­dags rond een uur of zes in de och­tend op het Onze-Lieve-Vrouweplein in Maas­tricht luid­keels auto­bi­o­gra­fi­sche gedich­ten scan­de­ren.