Categorie: Tekst

Zijt gij een paard?

Een hit­pa­ra­de

Tijd voor een lijst­je. Vol­gens mijn sta­tis­tie­ken­tel­ler waren dit in 2012 de popu­lair­ste berich­ten op wannesdaemen.com: 10. 21 decem­ber 2012 De avon­tu­ren van boer Gerolf en zijn vrouw Maya. En eigen­lijk het eni­ge stuks­ke ech­te lite­ra­tuur in deze vol­strekt bete­ke­nis­lo­ze popu­la­ri­teits­poll. Wat ook wel okee is. Lite­ra­tuur mag nooit al te popu­lair wor­den. Voor ge het weet wordt ge stin­kend…

De Sprekende Ezels in Turnhout

En de ezel hij balk­te

Gis­te­ren stond ik op een onoog­lijk klein podi­um in Café ’t Pand te Turn­hout, alwaar de eer­ste Kem­pen­se edi­tie van De Spre­ken­de Ezels plaats­vond. Samen met Tom Drie­sen, The Peer Friends, Char­lot­te Van den Broeck, JVDB, Lut Van Noo­t­en, Adri­aan Kui­pers en de god­de­lij­ke Stijn Vran­ken ver­kocht ik de poë­zie een wel­ver­dien­de schop onder de luie kont. En dat alles…

Wannes Daemen in het heetst van de strijd (Foto © Maartje Luif)

21 decem­ber 2012

Lang, heel lang gele­den, in drie­dui­zen­zes­en­t­wont­jusp voor chris­tus was er eens een boer Een hard­wer­ken­de boer met han­den als kolen­schop­pen En een hele dik­ke boe­rin ach­ter zijn stoof En die boe­rin die heet­te Maya Dat was haar voor­naam Haar ach­ter­naam was Yuca­tan of Gaz­pa­cho of Popo­ca­te­pe­pl Dat weet nie­mand meer En die boer zegt tegen zijn vrouw Maya, zegt hij,…

Luca

In Ame­land

Ik kan zeg­gen dat ik op Ame­land was, maar ik kan ook zeg­gen dat ik in Ame­land was. Ik vind in Ame­land het mooist, ook al moest ik nooit ver kij­ken om te besef­fen dat ik op Ame­land was. In Ame­land zijn de luch­ten altijd mooi. En de klei­ne glooi­in­gen. En de meeu­wen die in de ther­miek gaan han­gen. En…

Nirvana (Nevermind)

It’s okay to eat fish

Ik had nooit dur­ven ver­moe­den dat het cas­setje dat ik toe­ge­stopt kreeg mijn wereld zou ver­an­de­ren. Het was eind 1991 en ik ging kij­ken naar een voor­stel­ling van een bevriend jeugd­to­neel­ge­zel­schap. Ik speel­de zelf ook toneel en ik mocht er graag naar kij­ken, maar die avond was mijn aan­we­zig­heid voor­al te ver­kla­ren door het feit dat mijn eer­ste gro­te lief­de…

The Kiss van Edvard Munch

The his­to­ry of kis­sing, part six: De hon­ger

Het was een win­de­ri­ge win­ter­avond en we had­den het over de ondraag­lij­ke licht­heid van het bestaan. Niet over het boek, maar over de – gro­ten­deels zelf ver­zon­nen – welt­schmerz die we als jon­ge der­ti­gers over ons uit­ge­stort kre­gen. Onze door bier en siga­ret­ten aan­ge­dre­ven klaag­zan­gen zou­den door de tand des tijds als aan­stel­le­rij wor­den afge­daan, maar toen von­den we ons­zelf…

Mei 2012 (4)

Uit­ein­de­lijk goei­e­m­or­gen

Ik ben nog niet goed wak­ker. Toch ga ik schrij­ven. Omdat mijn vin­gers jeu­ken en omdat ik u graag zie. Als ik u graag zie (en dat doe ik door­gaans tame­lijk onon­der­bro­ken), gaan mijn vin­gers wel vaker jeu­ken. Wat dat voor con­se­quen­ties kan heb­ben, is niet geschikt voor het inter­net. Doch dit – zoals wel vaker het geval met eer­ste alinea’s –…

Week van de diversiteit

Diver­si­teit!

Het belang­rijk­ste ken­merk van de scheld­ka­bou­ter­ziek­te – en dat ver­klaart met­een ook de evo­lu­tie van het taal­ge­bruik in de dor­pen die wij onder­zoch­ten – is een oncon­tro­leer­ba­re drang om te schel­den – vaak in totaal onver­staan­ba­re bewor­mi­dor­mi pro­pe­loef.

Mei 2012 (3)

2011

Dit jaar zul­len Les­lie Niel­sen, Den­nis Hop­per, Clau­de Cha­brol, Bob­be­jaan Schoe­pen, Jan Wau­ters, Hans Van Mier­lo, Non­kel Bob, J.D. Salin­ger, Sugar Lee Hoo­per, Solo­mon Bur­ke, Gre­go­ry Isaacs, Theo Albrecht en Har­ry Mulisch twaalf maan­den lang dan­sen op het graf van Michael Jack­son om te ver­hin­de­ren dat hij er ooit weer uit komt.

Een tweede lading angst

Een twee­de lading angst

Vier ban­ge maar vro­lij­ke gedicht­jes voor Mari­na, Niki, Mar­t­in­ke en Bert. Zij waren zo eer­lijk mij hun ang­sten toe te ver­trou­wen.

Een eerste lading angst

Een eer­ste lading angst

Vijf vro­lij­ke gedicht­jes voor Ingrid, Rut­ger, From­mel, San en Joost. Zij waren zo eer­lijk mij hun ang­sten toe te ver­trou­wen.

De pijn van het zijn

De pijn van het zijn

De man aar­zel­de geen secon­de, en sloeg enthou­si­ast zijn arm om de schou­ders van zijn vrouw, als­of zijn toe­kom­sti­ge geluk en rijk­dom inte­graal zou bepaald wor­den door de daar­op­vol­gen­de fifteen minu­tes of sha­me.

Gezapigheid

Geza­pig­heid

Ik ver­gat heel even hoe hard ik nog moet wer­ken, ik ver­gat mijn mail­box, ik ver­gat mijn onrust en mijn ang­sten. Ik ver­gat alles wat ik niet mag ver­ge­ten en ver­ving het door gul­zi­ge geza­pig­heid.

DoD photo by Erin A. Kirk-Cuomo

Ik ben een Maori-krijger in het diep­st van mijn gedach­ten

Ben ik op het Leu­ven­se stads­kan­toor in aan­va­ring geko­men met een puis­te­ri­ge tover­kol die het begrip onre­de­lijk­heid tot onge­ken­de dimen­sies ver­hief? Niets van dat alles, inte­gen­deel. Het is in weer­wil van elke gezon­de logi­ca de schuld van het ver­ma­le­dij­de feno­meen You­tu­be.

Het geluid van de thee­pot

Omdat het een goed­ko­pe ther­mos is, maakt het onding vaak van die flui­ten­de geluid­jes als je de dop te hard dicht draait. Vol­gens de gehan­di­cap­te fysi­cus in mijn ach­ter­hoofd zijn dat lucht­bel­le­tjes die ont­snap­pen tus­sen de met thee en stoom gevul­de kie­ren van de draaidop.

Caravaggio's Narcissus

Stront

Jean-Marie is in zeke­re zin de heden­daag­se ver­per­soon­lij­king van Nar­cis­sus, die aan het eind van zijn leven hele­maal weg­kwijn­de omdat hij het niet aan­kon dat de regen­drup­pels die in het water vie­len zijn prach­ti­ge spie­gel­beeld ver­neuk­ten.

Als ik twijfel, zult gij mij strelen.

Als ik twij­fel, zult gij mij stre­len

Gij zult naar de bak­ker gaan om een lang grijs gesne­den, vier boter­koe­ken met rozij­nen, een stok­brood, twee eclair­kes, zes wit­te pisto­lees en even­veel sand­wi­chen. Gij zult afre­ke­nen met een brief­ke van vijf­tig ofschoon ge klein­geld genoeg hebt.

Ik zal het vin­den (004)

Ten negen­de vind ik dat hele hoofd­doe­ken­de­bat een beet­je… nee wacht. Ik ga daar eerst nog wat over naden­ken, en dan schrijf ik gauw een essay.

Ik zal het vin­den (003)

Ten zes­de vind ik dat Jack nooit naar Nina had moe­ten luis­te­ren. Dan moest hij zich nu geen nieuw lief gaan zoe­ken.

Fuck toch een eind off zeg

Ik zal het vin­den (002)

Of het ook echt water­ijs is, of gewoon radio­ac­tief kryp­to­niet, laat ik in het mid­den.

Ik zal het vin­den (001)

En die oor­logs­her­den­king­spie­mel staat gewoon in de weg als ge wilt weten hoe laat het is, laten we daar eer­lijk over zijn.